Teamscholing op locatie
Uitgebreid programma

Informatie
Neurorevalidatie
Uitgebreid programma
Teamscholing Pijn
Certificaat / Accreditatie
Aanvragen
Contact

Het programma omvat 11 dagen, O = ochtend 9.30 – 12.30 uur; M = middag 13.15 – 16.30 uur

DEEL 1: PROBLEEMANALYSE

Dag 1 Neurofilosofie

O: Analyse van het probleem: de empirische cyclus als systematische aanpak (aan de hand van een CVA-patient die struikelt). Overzicht van opvattingen over het zenuwstelsel die voor de klinische praktijk bruikbaar zijn: reflexmodel, hierarchisch model, sensorimotorisch (perceptie-actie-)model.

M: Functielokalisatie in de hersenen en hemisfeerspecialisatie: neurale “ensembles” vs centra. Beeldvormende technieken. Consequenties van de nieuwe inzichten voor de gevolgen van hersenbeschadiging. Instructie werkopdrachten. Nadruk ligt op het verband tussen theorie en praktijk.

Dag 2 Toegepaste neuroanatomie en neurofysiologie

O: Bouwstenen van het zenuwstelsel (neuronen en synapsen). Ontwikkeling zenuwstelsel uit neurale buis. Ligging en terminologie van de belangrijkste structuren in de hersenen. Praktische oefeningen aan de hand van hersenmodellen. Doel is vertrouwd te raken met neurowetenschappelijke termen.

M: Relatie neuroanatomie met de op dag 1 besproken modellen. Oefeningen m.b.t. de funktie van hersengebieden en de gevolgen van gelokaliseerde laesies (12) op stoornis- beperking- en handicapniveau. Neuro-anatomie atlas (bijv. Sesam deel 3) meenemen!

Dag 3 Gevolgen van hersenbeschadiging in algemene zin

O: Algemene concepten m.b.t. gevolgen van hersenbeschadiging: negencellenmodel (ICF-model), probleemanalyse-model (“tweesterrenmodel”), enkele regels m.b.t. neurologische diagnostiek. Linker- en rechterhemisfeer-symptomen.

M: Soorten CVA’s / hersenbeschadigingen. Neurologische, neuropsychologische en psychologische veranderingen/symptomen (primaire, secundaire en tertiaire schors). De manifestatie van stoornissen in het dagelijks leven. De afasieën, benaderd volgens het klassieke syndroom-model en volgens het recente denkmodel van Ellis en Young. Video "Afasie".

Dag 4 Neuropsychologie 1

O: De apraxieën (stoornissen van het handelen), problemen rond definitie en differentiaal-diagnostiek. Indeling apraxieën (ideatorisch vs kinetisch) en consequenties voor behandeling.
Neglect: de vele uiteenlopende vormen en varianten, met praktische voorbeelden. Aanverwante symptomen als somatoagnosie, nosoagnosie.

M: De agnosieën (stoornissen van de herkenning). Bespreking van het gnosis-praxis-schema uit het boek. Indelingen van de agnosieën: naar modaliteit (auditief, tactiel, visueel), perceptueel-associatief, specifieke vormen (bijv. prosopagnosie). Video "Broken Images" en diskussie. Benadrukt wordt dat alles goed begrijpbaar uitgelegd wordt aan patient en familie.

Dag 5 Neuropsychologie 2

O: Enkele voorbeelden van recent neurowetenschappelijk onderzoek op het gebied van (sociaal) gedrag. Analyse van gedrags- en stemmingsverandering na hersenletsel volgens Goldstein. Operante gedragscirkel. Speciale bespreking van: frontaal/dysexecutieve syndroom en noso-agnosie (beperkt ziekte-inzicht / ontkenning). Video “Stranger in the family” met diskussie.

M: Geheugen- en geheugenstoornissen. Bespreking van de belangrijkste indelingen van het geheugen en hun neurale verankering. Geheugenstoornissen (amnesie) na hersentrauma (retro- en anterograad). Video “Prisoner of consciousness” en diskussie.

Dag 6 Observatie en evaluatie

O: Observeren van een CVA-patiënt met o.a. neuropsychologische stoornissen (video “Ik zie niet waar ik voel”) gevolgd door plenaire discussie. Bij de bespreking wordt een link gelegd met de tot nu toe besproken kennis en principes.

M: Functionele evaluatie van de CVA-patiënt (tests en schalen): waarom klinimetrie? Enkele voorbeelden worden besproken (Barthel, FIM, COPM). Op verzoek speciaal ingaan op Oriënterend Neuropsychologisch Onderzoek (ONO).
Uitleg en afspraken m.b.t. de opdrachten in de tussenperiode.

Tussenperiode
De verworven inzichten kunnen worden getoetst en toegepast in de dagelijkse praktijk. Op dag zeven kunnen deze ervaringen worden ingebracht en besproken. Ook worden praktijkopdrachten meegegeven die groepsgewijs moeten worden uitgewerkt. Het accent bij deze opdrachten ligt op het rechtergedeelte van de empirische cyclus: probleemformulering, probleemanalyse en verklaringshypothese.

NB! Uiterlijk 5 dagen vòòr dag 7: inleveren opdracht 3 (praktijkopdracht tussenperiode).

DEEL 2: NEURO-INTERVENTIE

Dag 7 Evaluatie Tussenperiode

O: Als regel worden 5 a 6 werkstukken (thuisopdracht 3 werkboek) ingeleverd. Bespreking hiervan vergt het grootste deel van dag 7. We bezien kritisch of de empirische cyclus, het negencellenmodel en de gedragsanalysemodellen correct gehanteerd zijn. Waar nodig wordt extra hierop ingegaan.

M: vervolg van ochtendprogram. Als er nog tijd is: adviezen m.b.t. interdisciplinaire aanpak en casuïstiek-oefeningen behorend bij dag 7.

Dag 8 Neurorevalidatie 1: Biologisch fundament

O: Recente inzichten m.b.t. plasticiteit van het zenuwstelsel op micro- en macroniveau. Relatie tussen plasticiteit, leren en revalidatie. Habituatie en sensitisatie. Klassieke en operante conditionering. Cross-modale plasticiteit. Beinvloeding van plasticiteit?

M: Herstel na hersenletsel: feit of fictie? Herstelmechanismen na hersenbeschadiging, met praktische consequenties. Relatie tussen vormen van therapie/training en deze herstelmechanismen. Op deze dag wordt benadrukt dat men voor de patient en familie een realistisch beeld schetst van wat mogelijk is. De dag wordt afgesloten met de video: “Iwan” (over een jonge man met Parkinson). Hierin komt o.a. naar voren dat door het zelf-analytisch zoeken naar strategieën, de mogelijkheden van (beschadigde) hersenen kunnen worden beinvloed.

Dag 9 Neurorevalidatie 2: Leertheoretisch fundament

O: Revalidatie als leerproces en de praktische consequenties daarvan. Resumé principes van leren en geheugen. Theorieën over het leren van motorische vaardigheden: engram (perceptuele) theorie, schematheorie, ecologische theorie, met praktische patientvoorbeelden.

M: Gedragstherapeutische principes, o.a. vormen van reinforcement, die ook door fysio- logo- of ergotherapie kunnen worden ingezet. Video: “The man who lost his body” (over een man zonder proprioceptie). Gerelateerd aan deze video worden de principes van mental practice, dubbeltaken en sensorische compensaties besproken.

Dag 10 Neurorevalidatie 3: Principes en methodes; stoornisgerichte behandelingen

O: Principes en methoden: enkele interventiemethodes, o.a.: chaining, imitatieleren, verbale zelfsturing, foutloos leren. Nadruk: welke strategie bij wie, wanneer en waarom? Keuzesturende factoren worden besproken aan de hand van concrete casuistiek.

M: Stoornisgerichte aanpak: kritische overwegingen, voor- en nadelen. Uitwerking voor stoornissen naar keuze, bijv. neglect, apraxie, agnosie, geheugenstoornissen. Twee praktijkvoorbeelden worden stapsgewijs uitgewerkt: een patiënt met neglect die struikelt, en een patiënt met hinderlijke gedragsstoornissen (jammeren).
Aan het einde van deze dag gelegenheid voor vragen/instructie m.b.t. de eindopdracht.

NB! Uiterlijk 5 dagen vòòr dag 11: Inleveren eindopdracht grote casus (gekozen kan worden uit opdrachten 4 en 5 uit het werkboek).

Dag 11 De proef op de som: Patientgerichte behandeling

O: Afhankelijk van de groep worden 4 a 6 casussen (opdrachten 4 en 5) ingeleverd. Deze worden kort door de cursist gepresenteerd en en vervolgens plenair besproken. Getracht zal worden een relatie te leggen met de behandelde theoretische uitgangspunten. Aanzet tot het formuleren van een interdisciplinair behandelplan. Het gaat hierbij dus ook en vooral om het linkerdeel van de empirische cyclus (interventiehypothese, uitvoering behandeling en evaluatie.

M: vervolg ochtendprogram.
Laatste uur: “Hoe nu verder?”. Implementatie van deze teamscholing in de praktijk: diskussie en adviezen. Als er nog tijd is: verzoekonderwerpen / presentaties van deelnemers van de teamscholing.
Slotceremonie: invullen en inleveren evaluaties; uitreiken certificaat en afsluitend woord door leidinggevende(n).

Opdrachten, oefeningen en huiswerk

Iedere deelnemer levert vòòr de aanvang van de cursus een kleine casus in (opdracht 1 en/of 2), werkt in groepsverband de praktijkopdrachten van de tussenperiode uit (opdracht 3) en neemt deel aan de beschrijving van een concrete patiënt (grote casus, eindopdracht 4 en/of 5).
Op iedere cursusdag wordt kort aandacht besteed aan de oefeningen die per dag in het werkboek staan aangegeven. Deze moeten verder grotendeels buiten de cursustijd gemaakt worden. Antwoorden worden aan het eind van de cursus schriftelijk uitgereikt.
Voor de laatste dag kunnen verzoekonderwerpen worden aangevraagd en ook tijd voor eigen presentaties (congresverslag, patiëntverslag, eigen ervaringen, en dergelijke). U kunt hiervoor contact opnemen met een van de docenten van het ITON.
 


Print deze pagina
Naar boven
Faculteit der Bewegingswetenschappen
Home  |  Sitemap  |  Contact